Waar komt kaneel vandaan? Van boomschors tot specerij
Waar komt kaneel vandaan? Kaneel komt uit de binnenbast van bomen uit het geslacht Cinnamomum. De herkomst verschilt per soort: Ceylonkaneel komt oorspronkelijk uit Sri Lanka, terwijl andere soorten onder meer uit China, Vietnam en Indonesië komen.
Het bruine poeder in je keukenkastje begint dus niet als een zaadje of vrucht, maar als een stukje boomschors. Die bast wordt gedroogd en als stokje verkocht of tot poeder gemalen.
Waar komt kaneel vandaan per soort?
Er bestaan verschillende soorten kaneel. De twee bekendste groepen zijn Ceylonkaneel en cassiakaneel. Ze komen van verwante bomen, maar hebben niet dezelfde oorspronkelijke herkomst.
- Ceylonkaneel: komt van de boom Cinnamomum verum en is afkomstig uit Sri Lanka. De naam verwijst naar Ceylon, de vroegere naam van het eiland. Deze kaneel wordt ook geteeld in onder meer het zuiden van India en op Madagaskar.
- Cassiakaneel: is een verzamelnaam voor kaneel van verschillende verwante boomsoorten. Chinese cassia komt oorspronkelijk uit China. Andere cassiasoorten worden onder meer in Indonesië en Vietnam geteeld.
Ceylonkaneel wordt ook wel echte kaneel genoemd. Dat betekent niet dat cassia geen kaneel is: beide worden als specerij verkocht, maar komen van verschillende bomen.
Hoe groeit kaneel aan de boom?
Kaneelbomen groeien in warme gebieden. Voor de oogst worden takken of jonge scheuten afgesneden. De buitenste laag van de schors wordt verwijderd, waarna de binnenbast overblijft. Juist die binnenbast bevat de geur en smaak die je van kaneel kent.
Bij het drogen rolt de bast op. Zo ontstaan de kaneelstokjes die je in de winkel ziet. Voor kaneelpoeder wordt de gedroogde bast gemalen. Een stokje en een potje poeder kunnen dus van dezelfde soort kaneelboom komen.
Van welk land komt de kaneel uit je keukenkastje?
Dat hangt af van de soort en van waar die is geteeld. Ceylonkaneel kan bijvoorbeeld uit Sri Lanka komen, maar ook uit Madagaskar. Een kaneelsoort kan dus oorspronkelijk uit het ene land komen en later in een ander land worden verbouwd.
Veel kaneelpoeder in de supermarkt bestaat uit cassia. Indonesië is een belangrijk teeltland voor dit type kaneel, maar cassia kan ook uit andere landen komen. Aan de kleur van het poeder kun je niet betrouwbaar zien uit welk land het afkomstig is.
Bij hele stokjes zijn de soorten vaak beter te onderscheiden. Ceylonkaneel bestaat meestal uit meerdere dunne, breekbare laagjes. Cassia vormt vaak een dikkere, hardere rol. Ook de smaak verschilt: Ceylonkaneel is meestal zachter, terwijl cassia sterker en scherper smaakt.
Wil je weten waar jouw kaneel is geteeld? Op de verpakking kan het land van herkomst staan. Als alleen de soort wordt genoemd, weet je welke kaneelboom is gebruikt, maar niet zeker uit welk land het stokje of poeder komt.
